Weten, doen en hopen

JAN VAN ARKEL

In de Inleiding van de website beschrijf ik kort de vooruitziende blik (7-9) en deze driedeling: Wat moeten we weten? Wat kunnen we doen? Wat mogen we hopen?

Caspar David Friedrich (1774-1840), Morning in the Mountains * 1822, Hermitage

Wat moeten we weten?

Bij ‘weten’ hoort een analyse. In 4eco is het de analyse van hoe en waarom we op de drempel staan van ontwrichting, of zelfs ondergang. Het leeuwendeel van 4eco is gewijd aan dit weten, want zonder ‘weten’ kiezen wij bij ‘doen’ misschien voor de verkeerde oplossing. En dan zitten we nog dieper in de put. Feitelijk biedt 4eco bij ‘weten’ niet één analyse, maar een hele rij analyses die samen een soort palet van de werkelijkheid vormen. Want het is, helaas, complex.

Wat kunnen we doen?

Bij ‘doen’ gaat het om de juiste aanpak om ontwrichting te voorkomen. Doen blijkt verre van eenvoudig. Want wat is de juiste aanpak?
Je kunt het zien als een privé-aangelegenheid, maar dan nog is het moeilijk je weg te bepalen. Lees hierover bijvoorbeeld Margaret Wheatley’s boek Ver van huis, uit de paradigmaserie.

Als het meer is dan een privé-aangelegenheid, als het iets is wat we samen moeten bereiken, dan moeten daar genoeg mensen aan meedoen om het een kritische massa te geven. Anders komt het niet van de grond. Het is bovendien ons maatschappelijk systeem dat de moeilijkheden veroorzaakt – ga dat maar eens veranderen.
Ik vermoed dat we hiervoor een nieuw groot verhaal nodig hebben, een verhaal waarin hoofd, hart en handen een plaats hebben, een verhaal met een wenkend perspectief. En ik vermoed ook dat nieuwe organisatiemethoden daarbij een grote rol gaan spelen. (Dit is het onderwerp van het boek Uit de puinhopen – een nieuwe politiek in een tijd van crisis van George Monbiot.)

Omdat de categorie ‘Wat moeten we weten’ eerst moet, mag u van de categorie ‘Wat kunnen we doen?’ voorlopig niet teveel verwachten. Ik kom daar voor het einde van 2019 zeker niet aan toe. Ik zal in de presentatie van ideeën ook bij ‘doen’ waarschijnlijk de rubriekenindeling van 4eco volgen.
Toch geef ik hier – kijkend naar de niveaus van, al of niet in groepsverband, iets zelf doen, lokaal aanpakken en nationale politiek – alvast een paar voorbeelden van projecten waar ik aan denk bij ‘Wat kunnen we doen?’:

Het herstel van onze bodem. De bodem in Nederland is armzalig, maar hij kan hersteld worden. De natuur doet daar graag zijn best voor, als we haar maar niet teveel in de weg zitten. Het mooie is dat dit overal lokaal kan beginnen en dat je, als je meedoet, toch deelneemt aan één groter geheel. Misschien moeten we dat gevoel verder proberen aan te wakkeren, ook al zijn hier al tal van initiatieven, in allerlei vormen. Dit is dus (voor wie grond heeft) op individueel niveau met mogelijkheden tot netwerken.

Digitaal geconditioneerd @nder geld. Dit geld is eigenlijk het tegenovergestelde van de Bitcoin. Het is ontdaan van de slechte eigenschappen van de euro en voorzien van eigenschappen om een bepaald doel te bereiken, bijvoorbeeld het bevorderen van de lokale economie – in de vorm van bloei in plaats van groei. Dit is intussen praktisch mogelijk. De theoretische onderbouwing van welke aard geld hiervoor moet hebben, is er. Ook is de software gebouwd, getest en geschikt bevonden. Alles loopt via je smartphone. Social Trade Organisation (STRO) in Utrecht zet momenteel een ‘@nder-geld-circuit’ op in Nederland. Dit start vooral op stedelijk niveau, maar kan ook op nationaal niveau, of thematisch, bijvoorbeeld bij basisloon.

Klimaatdukaten. Wat is de beste methode om de opwarming van de aarde effectief te bestrijden? Daarvoor is het het beste als we zelf een actieve rol gaan spelen in het beheersen van ons eigen energieverbruik. Dat zou kunnen met een persoonlijk (voor ieder gelijk) energiebudget (die je klimaatdukaten zou kunnen noemen). Door je gebruik op de energiemeters en de benzinepomp bij te houden, zou je dan zien hoe snel je dat budget verbruikt. Na een leerjaar, wordt ieders budget vervolgens elk jaar kleiner, dus je moet wel zelf maatregelen nemen. Dan ga je op onderzoek uit, word je creatief en ga je samenwerken. Dit moet op nationaal niveau geregeld worden, dat wil zeggen vanuit de overheid, maar het zou op groepsniveau ook zelfopgelegd kunnen worden gedaan.

Wat mogen we hopen?

Er moet natuurlijk perspectief zijn, anders gaan we bij de pakken neerzitten. Als bij ‘Wat kunnen we doen’ projecten slagen, bloeit de hoop vanzelf op. Maar nu er in de samenleving zoveel ontwikkelingen juist de verkeerde kant op gaan, is het soms meer een kwestie van niet de moed verliezen. Misschien hebben sommigen van u baat bij het boek Terugkeer naar het leven uit de paradigmaserie.

Ik zal mijn best doen mettertijd ook hier voor invulling te zorgen.