Een model is een vereenvoudigde voorstelling van de werkelijkheid. Meestal worden in een model feiten en veronderstellingen door elkaar gebruikt. Een model stelt ons in de gelegenheid de werking van iets te doorzien, ook al missen we bepaalde essentiële gegevens. Men moet een model dus slechts zien als een hulpmiddel om de werking van een proces te verduidelijken en niet als feitelijke verklaring van het proces. Modellen worden in de ecologie gebruikt (zie aflevering 72 in serie 3 van het artikel ‘Wat is ecologie?’). Bij het voorspellen van het weer en vooral van veranderingen in het klimaat spelen modellen een essentiële rol. We komen het tegen in het artikel ‘Kroniek van een aangekondigde zelfmoord’. Ook in de artikelen van de rubriek Complexiteit komen we het modelbegrip uitgebreid tegen, want de figuren van het artikel ‘De werking van systemen’ zijn evenzovele modellen. (Zie met name ook de drie vragen in aflevering 6.) Het kantelpunt van Roopnarine (aflevering 22 aldaar) is voor ons het model dat van ultiem belang is.

De visie van Jane Jacobs op de economie van de stad is een model. In feite zijn zelfs de fasen van ontwikkeling van een samenleving van respectievelijk Ibn Khaldun, Giambattista Vico en John Bagot Glubb in aflevering 2-13 van het artikel ‘Catastrofologie’ in de rubriek Ontwrichting modellen.

Een eigenschap van modellen is dat ze getoetst kunnen worden. Stop je, als je die hebt, de gegevens van de variabelen van een ver verleden in een klimaatmodel dat we nu in de computer hebben zitten, dan moet dat model de verandering van dat historische klimaat juist voorspellen, anders deugt het niet. Het probleem zal vaak zijn dat we niet over de precieze informatie bij alle variabelen in dat verleden beschikken. Maar hoe beter die zijn, hoe beter je je model ook weer kunt maken. Zodat we kunnen hopen dat het de huidige manier waarop de klimaatverandering zich ontwikkelt, ook juist voorspelt.

In aflevering 24 van het artikel ‘Piekolie’ in de rubriek Energie is sprake van een vraag- dan wel aanbodgestuurd prijsmodel van olie. En in aflevering 17-18 van het artikel ‘De economie van piekolie’ in de rubriek Energie is sprake van een model van olie-aanbod in tijden van piekolie. Solow stelde een model op dat economen greep gaf op het verschijnsel van economische groei. Ook de groeivergelijking met twee variabelen, arbeid en kapitaal, die Robert Solow opstelde om greep te krijgen op het verschijnsel van economische groei, is een model. Zie aflevering 3 van het artikel ‘De economie van piekolie’ in de rubriek Energie.

Zie ook Zwarte zwaan en Onbekende onbekenden.